Wat voegt de leefstijlarts toe?

door | mei 27, 2019 | Leefstijl, Voeding | 0 Reacties

De belangstelling voor leefstijlgeneeskunde bij (huis)artsen neemt toe en dat lijkt terecht te zijn, aangezien veel van de gezondheidsproblemen ontstaan door de wijze waarop we leven. Nu hebben we al leefstijlcoaches en diëtisten. Wat voegt de leefstijlarts toe?

 

 

 Iedereen zijn eigen set leefstijlpijlers

Leefstijl

Het begrip leefstijl is volgens het RIVM een set van gedragingen die invloed hebben op de gezondheid. Er zijn talloze factoren, maar meestal wordt het acroniem BRAVO gehanteerd dat opgebouwd is uit de beginletters van bewegen, roken, alcohol, voeding en ontspanning. Dat is kennelijk onvoldoende, omdat elke beroepsgroep het nodig vindt om een andere samenstelling te promoten van leefstijlpijlers met additionele factoren zoals het circadiaan ritme, de mindset of stress. Het meest interessante is dat we nog in geen van de definities daadwerkelijk componenten hebben kunnen vinden over inkomen en omgeving, die veel invloed hebben op gedrag. Wij hebben in 2014 nog gepleit voor een Schijf van 5 van gedrag, in ons artikel ‘Schieten op de Schijf van 5‘. Het is vooral belangrijk dat je je afvraagt hoe je mensen kunt helpen met het veranderen van hun eigen gedrag in een obesogene omgeving.

Speculatief

Wellicht hebben we een niet-representatieve kijk op zaken, maar het lijkt wel of de artsen die zich uitspreken over leefstijl niet specifiek gericht zijn op gedrag, maar vooral hun kaarten inzetten op voeding. Een greep uit de onderwerpen waar we leefstijlartsen over zien publiceren:
 
 
 
 
Schijnbaar komen onze problemen vooral voort uit een specifiek voedingsmiddel of een voedingsgroep. Het is ook niet ongewoon dat deze producten in relatie worden gebracht met bijvoorbeeld lage graad inflammatie. Interessante fysiologische weetjes worden dan gepresenteerd als missende puzzelstukken in het gezondheidsvraagstuk. Het microbioom is belangrijk, want ruim 80% van de serotonine wordt geproduceerd in de darmen en wellicht leidt dat tot depressie. Of we worden dik, omdat we te weinig actief bruin vet hebben. Ook de klassieke koolhydraat-insulinehypothese blijft men nog opvoeren, want dat zou niet alleen verklaren waarom we in gewicht toenemen, maar het zou ook onze gemoedstoestand beïnvloeden door hoge bloedglucoseniveaus. Het heeft vooral een zweem van orthomoleculaire geneeskunde. Allemaal interessante verklaringen, maar het bewijs ontbreekt dat ze van enige klinische betekenis zijn. Waar weinig artsen echt over praten is de aloude energiebalans, terwijl die heel duidelijk een aantoonbaar effect heeft op een reeks aan symptomen.

Onderzoekers bereiken resultaten zonder bijzondere voedingsmiddelen

Minder eten, niet beter eten?

Daarom zou het interessant zijn als er in een onderzoek alleen gestuurd is op minder eten en afslanken. Dus geen verschuiving naar andere voedingsgroepen, maar simpelweg hetzelfde eten, maar dan minder. Dat is gebeurd in het project CALERIE 2. Ruim 200 gezonde mannen en vrouwen werden verdeeld over een groep met calorierestrictie van 25 procent of in een groep waarin het streven was om op gewicht te blijven binnen een voorgedefinieerde bandbreedte. Na 2 jaar was de calorierestrictiegroep 7 kg lichter, terwijl de controlegroep met een verlies 0,5 kg stabiel was gebleven. De opdracht was ook gewoon te blijven eten, wat men al ervoor at. Toch zag men in de calorierestrictiegroep een verbetering op symptomen van depressie, slaapkwaliteit, gemoedstoestand, stress, kwaliteit van de relatie, zin in seks en de algehele kwaliteit van leven, zoals gemeten met de SF-36 . In een extra achteraf-analyse werd de calorierestrictiegroep ook gecorreleerd met lagere inflammatiewaarden (IL-6) en beter ruimtelijk geheugen (Trevizol AP 2019) en werkgeheugen (Leciere E 2019). Dit is allemaal bereikt zonder dat men via koolhydraatmanipulatie of vasten de vetverbrandingsstand heeft moeten herstellen, of prebiotica heeft moeten suppleren om het microbioom te herstellen. Er zijn dus kennelijk geen speciale voedingsmiddelen nodig om dit soort effecten te bewerkstelligen. Als een speciaal dieet leidt tot verbetering is dat tenminste deels toe te schrijven aan gewichtsverlies. Er moet duidelijk beter onderzoek komen, alvorens artsen de media bestoken met fysiologische interessante verklaringen zonder bewijs van effectiviteit. 

Diabetes patiënten kunnen ook van de medicatie afraken als ze koolhydraten blijven eten

Twee jaar lang 25 procent minder eten dan men nodig had om het lichaam te onderhouden is geen gemakkelijke opgave. Toch lukte het deze bijzondere CALERIE-2 groep en ze eindigden gemiddeld met 7 kg minder dan bij aanvang. Dat is een indrukwekkende hoeveelheid, aangezien veel van dit soort experimenten over een periode van 2 jaar niet de helft van het gewichtsverlies laten zien. Het maakt dan ook niet uit of men koolhydraten schrapt, vlees of zelfs bewerkte voedingsproducten. Ook deelnemers uit de verschillende televisieprogramma’s die hun diabetesmedicatie afkomen na een koolhydraatbeperkt dieet, hadden dat ook kunnen bereiken zonder zonder koolhydraten te schrappen. Nog interessanter in het CALERIE-2 onderzoek, is dat na een follow-up van nog eens twee jaar, de deelnemers weliswaar terugvielen, maar toch nog de helft van hun gewichtsverlies behielden. Ook dat is indrukwekkend. Zou het betekenen dat die rare speculatieve adviezen over beter eten in plaats van minder eten, het volhouden in de weg staan? Dat is heel goed mogelijk, omdat meer restricties heel duidelijk invloed hebben op de motivatie en daarmee mede ook op volhouden. Welke specifieke kennis heeft een leefstijlarts over volhouden? De leefstijlartsen die de media bereiken lijken heel duidelijk meer interesse te hebben in fysiologisch speculeren dan in aantoonbare psychosociale factoren die van invloed zijn op de gezondheid. De groep die nog steeds rookt is al jaren stabiel met ongeveer 25 procent van de Nederlanders boven de 12 jaar. Ook weten we al decennia dat meer dan de helft van de Nederlanders de beweegnorm niet haalt. Waarom horen we leefstijlartsen vooral praten over voeding? Zou het komen vanwege de fabel dat de Griekse wijsgeer Hippocrates vond dat voeding een medicijn is? Dat heeft hij echter nooit gezegd, het blijkt een verzinsel te zijn (Cardenas D 2013). Waarom laten ze leefstijl niet over aan de leefstijlcoaches? Als de leefstijlarts zich wil bemoeien met voeding, wat blijft er dan over voor de diëtist? Er zijn duidelijk meer vragen dan antwoorden.

Het citaat ‘Laat voeding uw medicijn zijn’, komt niet van Hippocrates, zo blijkt uit een literatuuranalyse van Diana Cardenas.

Conclusie

De leefstijlarts lijkt in de praktijk meer bezig te zijn met voedingsadviezen dan met leefstijl, aangezien die laatste vooral gaat over gedrag. Die voedingsadviezen zijn vaak rijkelijk voorzien van speculatieve fysiologische verklaringen, maar halen doorgaans vooral (korte termijn) effect door gewichtsverlies. Aangezien men dat gewichtsverlies moet zien te behouden, lijkt het veel wijzer om te verdiepen in de psychologische en ook vooral de sociale factoren die bijdragen aan gewichtsbehoud. Het is ons onduidelijk hoe de leefstijlarts op dat vlak waarde kan toevoegen.

Meer lezen uit deze categorie 'Leefstijl' :

Clip: Armoede slecht voor het hart

Armoede wordt al langere tijd in verband gebracht met hartklachten en een kortere levensverwachting. Onderzoekers wilden weten via welke mechanisme. Een clip is een kort item over een onderzoek of een curiositeit. Het is geen uitputtende verhandeling over het...

Maakt een gezond microbioom een gezond mens?

Tientallen boektitels, vele cursussen en ontelbare blogs zijn er verschenen over het microbioom. Het betreft de honderden kolonies aan bacteriesoorten die leven in onze darmen. Dit microbioom zou via verschillende wegen een enorme invloed hebben op de gezondheid van...

Clip: Neemt inflammatie toe bij het ketogeen dieet?

Lage graad inflammatie is betrokken bij alle welvaartziekten, maar neemt dat ook toe bij het populairder wordend ketogeen dieet? Een clip is een kort item over een onderzoek of een curiositeit. Het is geen uitputtende verhandeling over het onderwerp, maar bedoeld om...

Dit onderwerp komt aan bod in de volgende opleidingen:

Recente artikelen (kennisbank) uit overige categorieën:

Beter, beter, beter met meditatie?

Oost en west lijken verenigd in het enthousiasme over meditatie. De consument, de media en de wetenschap zijn unaniem over het heilzame effect van een paar minuten mediteren per dag. Niet zweverig, wetenschappelijk bewezen effectief, geen wondermiddel, maar toch...

Insuline onbegrepen deel 13: Koolhydraatintolerant

Zijn er mensen die niet tegen koolhydraten kunnen en zou dat de reden zijn waarom ze diabetes krijgen? Steeds vaker spreekt men van koolhydraatintolerantie, zo ook in een recent onderzoek van de Ohio universiteit. Deze mensen zouden gebaat zijn bij een...

Clip: Armoede slecht voor het hart

Armoede wordt al langere tijd in verband gebracht met hartklachten en een kortere levensverwachting. Onderzoekers wilden weten via welke mechanisme. Een clip is een kort item over een onderzoek of een curiositeit. Het is geen uitputtende verhandeling over het...

Redactionele noot

Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, worden opgeslagen of openbaar gemaakt in enige vorm of op enige wijze zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.

We vernemen graag feedback over onze artikelen, omdat we verantwoording afleggen voor claims belangrijk vinden. Een clip is een korte post over actualiteit, een uitgelicht onderzoek of een curiositeit. Het is geen uitputtende verhandeling over het onderwerp, maar is bedoeld om een punt te maken door het in de context te plaatsen. We vernemen graag feedback over onze artikelen, omdat we verantwoording afleggen voor claims belangrijk vinden. 

Wil je kennis uitwisselen over vitaliteit, fitness en leefstijl met andere (aspirant)professionals, bezoek dan Café Chivo op Facebook.

 

Geraadpleegde bron(nen)

  • Cardenas D (2013) Let not thy food be confused with thy medicine: The Hippocratic misquotation. e-SPEN Journal (2013)
  • Leclerc E (2019), Trevizol AP, Grigolon RB, e.a. The effect of caloric restriction on working memory in healthy non-obese adults. CNS Spectr. 2019 Apr 10:1-7
  • Martin CK (2016), Bhapkar M, Pittas AG, e.a. Effect of Calorie Restriction on Mood, Quality of Life, Sleep, and Sexual Function in HealthyNonobese Adults: The CALERIE 2 Randomized Clinical Trial. JAMA Intern Med. 2016 Jun 1;176(6):743-52
  • Trevizol AP (2019), Brietzke E, Grigolon RB, e.a. Peripheral interleukin-6 levels and working memory in non-obese adults: A post-hoc analysis from the CALERIE study. Nutrition. 2019 Feb;58:18-22