Skip to main content

Sociaal-progressieven streven ernaar dat iedereen het goed heeft. Een loffelijk doel, maar het kan gepaard gaan met de overtuiging dat men weet wat goed is voor anderen. Dat roept weerstand op โ€“ vooral als mensen het gevoel krijgen dat er over hun hoofden heen beslist wordt.

๐—ช๐—ฎ๐—ฎ๐—ฟ๐—ฑ๐—ถ๐—ด๐—ต๐—ฒ๐—ถ๐—ฑ ๐—ฒ๐—ป ๐˜€๐˜๐—ฎ๐˜๐˜‚๐˜€

Sociologen beschreven al in de jaren zeventig hoe arbeiders sociale erkenning vonden via hun eigen gemeenschappen en instituties (Willis, 1977; Hyman, 1971). Uit internationaal onderzoek blijkt dat opleiding in vrijwel alle landen een belangrijke en legitieme bron is van subjectieve sociale status (SSS) โ€“ hoe mensen hun eigen plek in de samenleving ervaren (van Noord et al., 2019).

๐—š๐—ฒ๐˜‡๐—ผ๐—ป๐—ฑ๐—ต๐—ฒ๐—ถ๐—ฑ ๐—ฒ๐—ป ๐—ด๐—ฒ๐—ฑ๐—ฟ๐—ฎ๐—ด

SSS blijkt een krachtige voorspeller van gezondheid, los van objectieve status. Mensen met lage SSS zorgen gemiddeld slechter voor zichzelf: ze bewegen minder, slapen slechter, roken vaker, en mijden preventieve zorg. Ook ervaren ze meer chronische stress, hebben ze een kortere tijdshorizon en een lager gevoel van controle (Adler et al., 2000; Kraus & Tan, 2015; Singh-Manoux et al., 2005). Denk je dat preventie gaat over iets afpakken (omgeving) of extra beprijzen? Er zijn concrete aanwijzingen dat het averechts werkt (Meurs, 2022-2024).

๐—ฃ๐—ผ๐—น๐—ถ๐˜๐—ถ๐—ฒ๐—ธ๐—ฒ ๐˜ƒ๐—ผ๐—ผ๐—ฟ๐—ธ๐—ฒ๐˜‚๐—ฟ๐—ฒ๐—ป

Lage SSS hangt samen met steun voor herverdeling รฉn voor populistische of anti-establishmentpartijen, links รฉn rechts. Die steun weerspiegelt een gevoel van uitsluiting en verlangen naar controle (Sprong et al., 2019). Tegelijk is lage SSS vaak verbonden met cultureel conservatieve voorkeuren, zoals traditioneel gezinsbeleid of restrictieve immigratie. Hoge SSS gaat juist vaker samen met meritocratisch denken en centrumrechtse standpunten (Brandt et al., 2021).

๐—˜๐—น๐—ฒ๐—ฐ๐˜๐—ผ๐—ฟ๐—ฎ๐—น๐—ฒ ๐˜ƒ๐—ฒ๐—ฟ๐˜€๐—ฐ๐—ต๐˜‚๐—ถ๐˜ƒ๐—ถ๐—ป๐—ด

In veel landen zijn lage-inkomensstemmers de afgelopen jaren naar rechts opgeschoven. In de VS veranderde de Democratische voorsprong onder inkomens onder $50.000 van +12 (2016) naar een Republikeinse voorsprong van +2 in 2024. Zie afbeelding. In het VK won Reform UK in 2024 ruim onder arbeiders (21%). In Frankrijk stemde 57% van de handarbeiders op Le Pen. In Duitsland behaalde de AfD 38% van de arbeidersstemmen en 39% onder mensen die zichzelf als โ€œarmโ€ zagen. In Italiรซ haalde het centrumrechtse blok in 2022 55,6% van de arbeidersstemmen, tegenover 17% voor centrumlinks. Roepen dat migratie niet het รฉchte probleem is, werkt averechts!

๐—ฆ๐—ฒ๐—ฟ๐—ถ๐—ฒ๐˜‚๐˜€ ๐—ป๐—ฒ๐—บ๐—ฒ๐—ป

Wie lage SSS negeert of bagatelliseert, bevestigt het gevoel van minachting. Het gaat ๐—ป๐—ถ๐—ฒ๐˜ย alleen om inkomen of diplomaโ€™s, maar om hoe mensen hun plek ervaren โ€“ en of ze geloven dat hun stem telt. Wij moeten opnieuw gaan bedenken hoe we onze samenleving gaan inrichten en wat mij betreft begint dat met ๐—ฒ๐—ฟ๐˜ƒ๐—ฎ๐—ฟ๐—ฒ๐—ปย waardigheid.

๐— ๐—ฒ๐—ฒ๐—ฟ ๐—น๐—ฒ๐—ฟ๐—ฒ๐—ป

SSS is een belangrijk onderwerp in onze module Toegepaste Ethiek (chivo.nl/mte). Ook als summerschool (11-15 aug).

Ongelijkheid en de subjectieve sociale status (SSS)

In 2022 en 2024 voerde de Universiteit Leiden twee studies uit naar de validiteit van de ๐— ๐—ฎ๐—ป๐—ฎ๐—ด๐—ฒ๐—บ๐—ฒ๐—ป๐˜ ๐——๐—ฟ๐—ถ๐˜ƒ๐—ฒ๐˜€-๐—บ๐—ฒ๐˜๐—ต๐—ผ๐—ฑ๐—ถ๐—ฒ๐—ธ. In het meest recente onderzoek kregen deelnemers willekeurig รณf hun echte profiel รณf een realistisch gegenereerd nepprofiel, waarna ze aangaven hoe goed het profiel hen weergaf. De herkenning was significant hoger voor het echte profiel op vier van de vijf subschalen. Op de website van Management Drives wordt dat als volgt samengevat:

โ€œ๐˜๐˜ฏ 2022 (๐˜๐˜ข๐˜ฏ ๐˜ฅ๐˜ฆ๐˜ณ ๐˜๐˜ฐ๐˜ฐ๐˜ณ๐˜ต & ๐˜“๐˜ช๐˜ฏ๐˜ต๐˜ช๐˜ฏ๐˜จ, 2022) ๐˜ฆ๐˜ฏ 2024 (๐˜๐˜ข๐˜ฏ ๐˜ฅ๐˜ฆ๐˜ณ ๐˜๐˜ฐ๐˜ฐ๐˜ณ๐˜ต, ๐˜Ž๐˜ฆ๐˜ญ๐˜ฅ๐˜ฆ๐˜ณ๐˜ฃ๐˜ญ๐˜ฐ๐˜ฎ, ๐˜ท๐˜ข๐˜ฏ ๐˜“๐˜ช๐˜ฆ๐˜ด๐˜ฉ๐˜ฐ๐˜ถ๐˜ต & ๐˜“๐˜ช๐˜ฏ๐˜ต๐˜ช๐˜ฏ๐˜จ, 2024) ๐˜ฉ๐˜ฆ๐˜ฆ๐˜ง๐˜ต ๐˜ฅ๐˜ฆ ๐˜œ๐˜ฏ๐˜ช๐˜ท๐˜ฆ๐˜ณ๐˜ด๐˜ช๐˜ต๐˜ฆ๐˜ช๐˜ต ๐˜“๐˜ฆ๐˜ช๐˜ฅ๐˜ฆ๐˜ฏ [...] ๐˜ต๐˜ธ๐˜ฆ๐˜ฆ ๐˜ฐ๐˜ฏ๐˜ข๐˜ง๐˜ฉ๐˜ข๐˜ฏ๐˜ฌ๐˜ฆ๐˜ญ๐˜ช๐˜ซ๐˜ฌ๐˜ฆ ๐˜ธ๐˜ฆ๐˜ต๐˜ฆ๐˜ฏ๐˜ด๐˜ค๐˜ฉ๐˜ข๐˜ฑ๐˜ฑ๐˜ฆ๐˜ญ๐˜ช๐˜ซ๐˜ฌ๐˜ฆ ๐˜ฐ๐˜ฏ๐˜ฅ๐˜ฆ๐˜ณ๐˜ป๐˜ฐ๐˜ฆ๐˜ฌ๐˜ฆ๐˜ฏ ๐˜ท๐˜ฆ๐˜ณ๐˜ณ๐˜ช๐˜ค๐˜ฉ๐˜ต [...] ๐˜‰๐˜ฆ๐˜ช๐˜ฅ๐˜ฆ ๐˜ฐ๐˜ฏ๐˜ฅ๐˜ฆ๐˜ณ๐˜ป๐˜ฐ๐˜ฆ๐˜ฌ๐˜ฆ๐˜ฏ ๐˜ฉ๐˜ฆ๐˜ฃ๐˜ฃ๐˜ฆ๐˜ฏ ๐˜ข๐˜ข๐˜ฏ๐˜จ๐˜ฆ๐˜ต๐˜ฐ๐˜ฐ๐˜ฏ๐˜ฅ ๐˜ฅ๐˜ข๐˜ต ๐˜”๐˜ข๐˜ฏ๐˜ข๐˜จ๐˜ฆ๐˜ฎ๐˜ฆ๐˜ฏ๐˜ต ๐˜‹๐˜ณ๐˜ช๐˜ท๐˜ฆ๐˜ด ๐˜ฑ๐˜ณ๐˜ฐ๐˜ง๐˜ช๐˜ฆ๐˜ญ๐˜ฆ๐˜ฏ ๐˜ฅ๐˜ฆ ๐˜ฅ๐˜ณ๐˜ช๐˜ซ๐˜ง๐˜ท๐˜ฆ๐˜ณ๐˜ฆ๐˜ฏ ๐˜ท๐˜ข๐˜ฏ ๐˜ฑ๐˜ณ๐˜ฐ๐˜ง๐˜ฆ๐˜ด๐˜ด๐˜ช๐˜ฐ๐˜ฏ๐˜ข๐˜ญ๐˜ด ๐˜ฐ๐˜ฑ ๐˜ฅ๐˜ฆ ๐˜ธ๐˜ฆ๐˜ณ๐˜ฌ๐˜ท๐˜ญ๐˜ฐ๐˜ฆ๐˜ณ ๐˜ข๐˜ฅ๐˜ฆ๐˜ฒ๐˜ถ๐˜ข๐˜ข๐˜ต ๐˜ฃ๐˜ฆ๐˜ด๐˜ค๐˜ฉ๐˜ณ๐˜ช๐˜ซ๐˜ท๐˜ฆ๐˜ฏ [...]. ๐˜๐˜ฆ๐˜ต ๐˜ฑ๐˜ณ๐˜ฐ๐˜ง๐˜ช๐˜ฆ๐˜ญ ๐˜ท๐˜ข๐˜ฏ ๐˜”๐˜ข๐˜ฏ๐˜ข๐˜จ๐˜ฆ๐˜ฎ๐˜ฆ๐˜ฏ๐˜ต ๐˜‹๐˜ณ๐˜ช๐˜ท๐˜ฆ๐˜ด ๐˜ช๐˜ด ๐˜ฅ๐˜ข๐˜ข๐˜ณ๐˜ฎ๐˜ฆ๐˜ฆ ๐˜ฐ๐˜ง๐˜ง๐˜ช๐˜ค๐˜ช๐˜ฆ๐˜ฆ๐˜ญ ๐˜ธ๐˜ฆ๐˜ต๐˜ฆ๐˜ฏ๐˜ด๐˜ค๐˜ฉ๐˜ข๐˜ฑ๐˜ฑ๐˜ฆ๐˜ญ๐˜ช๐˜ซ๐˜ฌ ๐˜จ๐˜ฆ๐˜ท๐˜ข๐˜ญ๐˜ช๐˜ฅ๐˜ฆ๐˜ฆ๐˜ณ๐˜ฅ.โ€

Deze claim is echter te stellig. De onderzoeken tonen aan dat mensen hun eigen profiel beter herkennen dan een willekeurig profiel โ€” en dus dat het geen Barnum-effect is. Dat is een oppervlakkige winst.

๐—˜๐—ฒ๐—ป ๐—ฑ๐—ถ๐—ฒ๐—ฝ๐—ฒ๐—ฟ ๐—ฝ๐—ฟ๐—ผ๐—ฏ๐—น๐—ฒ๐—ฒ๐—บ

Nergens wordt onderbouwd wat die profielen precies meten: Zijn het persoonlijkheidstrekken, waarden, behoeften of motivatiestructuren? De methodiek is gebaseerd op een hybride mix van Graves, Jung en Maslow, maar mist een helder theoretisch raamwerk. Waarom er precies zes en geen acht of twaalf drijfveren zijn, wordt nergens uitgelegd of empirisch onderbouwd.

Wat betekent een โ€˜Mindsetโ€™-kleur of een โ€˜r-scoreโ€™ precies? De theoretische en psychometrische onderbouwing ontbreekt grotendeels. De r-score, die zou aangeven wanneer iemand zich afvraagt of iets relevant is, blijkt niet onderscheidend, wordt slecht begrepen en correleert nauwelijks met de andere subschalen. Dat roept twijfels op over de interne consistentie en psychometrische kwaliteit van het instrument.

Er is dus wel enige evidentie voor herkenning, maar geen bewijs dat de profielen valide constructen meten of gedrag voorspellen. Zolang de inhoud en structuur van het model niet helder, laat staan empirisch onderbouwd zijn, is spreken van een โ€œofficieel wetenschappelijk gevalideerdโ€ instrument misleidend.

๐— ๐—ฒ๐—ฒ๐—ฟ ๐—ธ๐—ฒ๐—ป๐—ป๐—ถ๐˜€
Wil je meer leren over hoe je van onderbuik naar onderbouwd gaat, dan kun je terecht bij het evidence-based HR seminar op 13 nov. Meer info:

evidencebasedhr.nl

Wil je er meer over lezen, dan kun je lid worden van de nieuwsbrief VisieVitaal over motivatiewetenschap.

chivo.nl/nieuwsbrief

Management drives wetenschappelijk?

De Kerntalentenmethode van Danielle Krekels werkt met een vaste set van 23 kerntalenten. Elk kerntalent wordt beoordeeld op sterkte (klein, half of sterk), afgeleid uit voorkeuren in spontaan spelgedrag tussen 4 en 12 jaar oud:

1. De 23 kerntalenten

De exacte benaming kan per gecertificeerde analist iets verschillen, maar ze komen grotendeels overeen met onderstaande lijst:

Nr Kerntalent Omschrijving 1 Creativiteit Vernieuwend denken, originele invalshoeken 2 Analytisch vermogen Dingen willen doorgronden, logisch redeneren 3 Onderzoekszin Nieuwsgierig, diepgaand willen begrijpen 4 Leergierigheid Graag nieuwe dingen bijleren 5 Organisatietalent Structuur aanbrengen, processen beheren 6 Zin voor verantwoordelijkheid Dingen op zich nemen, plichtsbesef 7 Zorgzaamheid Oog voor mensen, empathisch helpen 8 Technische aanleg Dingen graag met de handen maken of oplossen 9 Competitiegerichtheid Willen winnen, graag meten met anderen 10 Prestatiegerichtheid Graag doelen stellen en behalen 11 Doorzettingsvermogen Niet opgeven, vastbijten in iets 12 Fysieke energie Behoefte aan lichamelijke beweging en actie 13 Spelplezier Humor, ontspanning, speelsheid 14 Sociale gerichtheid Graag bij mensen zijn, sociaal bezig zijn 15 Taalgevoeligheid Graag communiceren, taal gebruiken 16 Esthetisch gevoel Oog voor schoonheid, design, vormgeving 17 Muzikaliteit Affiniteit met klank, ritme, muziek 18 Verbeeldingskracht Innerlijke beleving, fantasie 19 Behoefte aan autonomie Zelf willen beslissen, onafhankelijkheid 20 Leiderschapszin Graag sturen, verantwoordelijkheid opnemen over groep 21 Structuurzin Nood aan overzicht, kaders, duidelijke afspraken 22 Loyaliteit Betrouwbaar zijn, trouw aan mensen of doelen 23 Commerciรซle feeling Gevoel voor handel, markt, overtuigen van mensen

2. Voorbeelden van items (vragen)

Er is geen publieke vragenlijst beschikbaar (omdat de methode grotendeels via 1-op-1 interviews wordt afgenomen door gecertificeerde analisten), maar onderstaande voorbeelden geven een indruk van de type vragen die gesteld worden:

โ“ "Wat speelde je het liefst tussen je 4e en 12e levensjaar?"
โ†’ Antwoorden zoals "schooltje spelen", "kastelen tekenen", "proefjes doen", "leidertje spelen", "verhalen schrijven", "constructies bouwen", of "knutselen" worden geanalyseerd op kerntalenten.

โ“ "Had je liever rollenspellen, bouwspellen of bordspellen?"
โ†’ Bouwspellen wijzen op technische aanleg, rollenspellen op zorgzaamheid en fantasie, bordspellen op structuurzin of competitiedrang.

โ“ "Was je liever alleen of in groep?"
โ†’ Alleen = autonomie, in groep = sociale gerichtheid of leiderschapszin.

โ“ "Had je veel fantasie, of hield je meer van concrete opdrachten?"
โ†’ Fantasie = verbeeldingskracht, concreet = structuurzin of technisch talent.


3. Hoe worden kerntalenten geรฏnterpreteerd?

Een kerntalent kan:

  • Sterk zijn โ†’ het geeft je energie en je doet het graag
  • Half zijn โ†’ je kan het goed, maar niet altijd met plezier
  • Klein zijn โ†’ je kan het wel, maar het kost energie

Bijvoorbeeld:

  • Sterk creatief talent โ†’ Je floreert in omgevingen waar je kunt innoveren, maar verveelt je snel bij repetitief werk.
  • Klein organisatietalent โ†’ Je kunt wel plannen, maar het kost moeite en je wordt er snel moe van.

Het houdt dus ergens te midden van daadwerkelijk talent, een aangeboren eigenschap waar je goed in bent, en iets wat je leuk vindt. Het is nuttig om dat te weten, maar een groot probleem is dat het vooral gebaseerd is op wat je in je jeugd deed, terwijl mensen ontwikkelen in hun leven. Aangezien je uitgevraagd wordt over je verleden introduceer je ook nog herinneringsproblematiek in de meting. De vragenlijst is daarnaast niet te controleren.

Kerntalenten

De bottom-up heranalyse van een populaire persoonlijkheidsvragenlijst leidde tot een fascinerende herindeling van facetten, trekken en metatrekken. Deze analyse (Samo A, 2025), waar we eerder over schreven, is inmiddels formeel gepubliceerd:

Het betreft het opschonen van de IPIP (open source) items van het Five Factor Model (FFM), een populaire variant op het Big Five-model. Dit model kent vijf trekken met elk zes onderliggende facetten. In het oorspronkelijke model zijn deze trekken niet verder samengevoegd tot metatrekken. Dat is juist wat nu wรฉl gebeurt in deze heranalyse.

De onderzoekers inspecteerden alle items zorgvuldig op kwaliteit, overlap met elkaar en het facet dat ze meten. Ze corrigeerde ook positief en negatief geformuleerde items, die normaal tot vertekening leiden.

๐—˜๐—ฒ๐—ฟ๐˜€๐˜๐—ฒ ๐—ป๐—ถ๐˜ƒ๐—ฒ๐—ฎ๐˜‚

Via netwerkanalyse bekeken ze welke items clusteren (node-afstanden). Zie daarvoor de afbeelding in het artikel. Hieruit kwamen 28 clusters, te beschouwen als facetten โ€“ twee minder dan in het oorspronkelijke model. Van de 30 originele facetten kwamen er 16 overeen. Er zijn dus 12 nieuwe facetten gevonden, met dezelfde items.

๐—ง๐˜„๐—ฒ๐—ฒ๐—ฑ๐—ฒ ๐—ป๐—ถ๐˜ƒ๐—ฒ๐—ฎ๐˜‚

Op basis van die facetten ontstonden via netwerkmodellen zes clusters die als trekken kunnen gelden: Stability, Plasticity, Integrity, Sociability, Impulsivity en Negative Affectivity. Dat is er รฉรฉn meer dan in het FFM, en de structuur is deels anders. Zo wordt Aangenaamheid opgesplitst in Sociability en Integrity, net als bij HEXACO. Neuroticisme valt uiteen in Negative
Affectivity en Impulsivity.

๐——๐—ฒ๐—ฟ๐—ฑ๐—ฒ ๐—ป๐—ถ๐˜ƒ๐—ฒ๐—ฎ๐˜‚

Nog controversiรซler is de derde analyse, waarin deze zes trekken verder worden samengevoegd tot metatrekken. Dit idee past bij modellen zoals de BFAS, waarin ook twee metatrekken worden onderscheiden.

๐—ฃ๐—ฟ๐—ฎ๐—ธ๐˜๐—ถ๐˜€๐—ฐ๐—ต๐—ฒ ๐—ผ๐˜ƒ๐—ฒ๐—ฟ๐˜„๐—ฒ๐—ด๐—ถ๐—ป๐—ด๐—ฒ๐—ป

Deze studie sluit aan bij kritiek op facetten: die zijn vaak theoretisch bepaald. Hier zijn ze empirisch afgeleid, wat leidt tot andere facetten en trekken. Dat werd al vermoed, maar is nu ook bevestigd. FFM en HEXACO blijven heel bruikbaar, maar de lat ligt weer hoger en dat is goed!

Wat deze studie niet oplost, is dat het FFM zelf geen theoretisch fundament biedt. Waarom precies deze trekken? We hebben een fundamentelere benadering nodig. Het raamwerk van McAdams (2006), dat vijf principes voor een integratieve persoonlijkheidswetenschap biedt, is daarbij behulpzaam. Het omvat evolutionaire lagen (zoals HEXACO), maar ook motieven, narratieven en culturele context.

๐— ๐—ฒ๐—ฒ๐—ฟ ๐—น๐—ฒ๐—ฟ๐—ฒ๐—ป

Een geรฏntegreerde model is heel lastig, maar aanvullende theorieen kunnen het toch concreter en praktischer maken. Een dergelijke invulling draagt bij aan de doorlopende ontwikkeling van het authentieke zelf. Wij hanteren een dergelijk geรฏntegreerd systeem in onzeย ๐—บ๐—ผ๐—ฑ๐˜‚๐—น๐—ฒ ๐—œ๐—ฑ๐—ฒ๐—ป๐˜๐—ถ๐˜๐—ฒ๐—ถ๐˜๐˜€๐—ผ๐—ป๐˜๐˜„๐—ถ๐—ธ๐—ธ๐—ฒ๐—น๐—ถ๐—ป๐—ด. Die kun je ook als summerschool volgen van 28 juli tot en met 2 aug.

Betere persoonlijkheidsmodellen

Stel je voor: je zit op een eerste date in een hippe koffiezaak met sfeervolle verlichting, zachte stoelen en kunst aan de muur. Alles klopt. Of toch niet? Want wat als precies hetzelfde gesprek plaatsvindt in een tl-verlichte kantoorruimte met kale muren en kartonnen dozen? Maakt dat uit voor je gevoel van romantische klik?

Een nieuw onderzoek (Brand DR et al 2025) zegt: verrassend genoeg niet.


Wat onderzochten de psychologen?

De Amerikaanse onderzoekers wilden weten of de fysieke omgeving invloed heeft op het ontstaan van romantische interesse en verbondenheid tussen twee vreemden. Ze gebruikten een gespreksmethode die speciaal is ontworpen om intimiteit op te wekken tussen onbekenden: het Fast-Friends Paradigm. Denk aan 45 minuten lang steeds persoonlijker wordende vragen stellen, zoals: โ€œWaar ben je het meest dankbaar voor in je leven?โ€ of โ€œWat zou je veranderen aan de manier waarop je bent opgevoed?โ€

De twist? Sommige koppels voerden dat gesprek in een warme, gezellige kamer (met kunst, planten, kussens en lavendelgeur), anderen in een kille, rommelige ruimte (denk: kale muren, felle verlichting, oude papierstapels).


En wat bleek?

De fysieke omgeving had vrijwel geen effect op:

  • hoeveel mensen van het gesprek genoten,
  • hoeveel ze over zichzelf vertelden,
  • hoezeer ze zich gehoord voelden,
  • of hoeveel romantische interesse ze ervoeren.

Zelfs deelnemers die single waren, voelden zich in de gezellige kamer niet mรฉรฉr aangetrokken tot hun gesprekspartner dan in de ongezellige ruimte.

Alleen bij een follow-up na 30 dagen bleek een klein verschil: mensen die in de gezellige kamer hadden gezeten, gaven iets vaker aan dat ze alsnog graag dichter tot hun gesprekspartner wilden komen. Niet veel, maar nรฉt genoeg om de vraag open te houden of herinneringen aan een fijne sfeer toch later iets doen.


Hoe kan dat?

Volgens de onderzoekers is het goed mogelijk dat het gespreksformat zรฉlf zo krachtig was, dat het effect van de omgeving werd overstemd. Want wie 45 minuten lang diepgaande vragen beantwoordt en zich echt gehoord voelt, ontwikkelt waarschijnlijk verbinding โ€“ zelfs in een saaie ruimte.

Ook werd het gesprek aangekondigd als een "sociale interactiestudie", dus niet als kans op romantiek. Daardoor waren deelnemers misschien minder gericht op flirten of aantrekkingskracht dan ze in een โ€˜echteโ€™ date-setting zouden zijn.


Wat kunnen we hiervan leren?

Dit onderzoek zet een streep door de populaire overtuiging dat sfeer de sleutel is tot romantiek. Natuurlijk is een gezellige omgeving fijn โ€“ maar als je รฉcht verbinding zoekt, is wat je zegt en hoe je luistert misschien belangrijker dan waar je zit.

Dus of je nou een eerste date hebt in een drukke koffiezaak, een parkbankje of een kantoorruimte met systeemplafond: stel open vragen, luister met aandacht, en wees niet bang om iets van jezelf te laten zien.

De klik zit misschien niet in de kamer โ€“ maar in het gesprek.

Liefde op het eerste gezicht? Contact of omgeving?

"Ik heb รฉcht een vakantie nodig." Grote kans dat je die zin het afgelopen jaar hebt uitgesproken โ€“ en je bent niet de enige. We werken meer dan ooit, en het lijkt alsof werkdruk en stress alleen maar toenemen. Tegelijkertijd blijven miljoenen vakantiedagen ongebruikt liggen. Zonde, zeggen onderzoekers (Grant RS et al 2025), want vakantie blijkt krachtiger voor je welzijn dan je misschien denkt.

Een nieuwe grote studie van Amerikaanse onderzoekers dook in tientallen eerdere onderzoeken over vakantie en welzijn. En de uitkomst? Vakantie doet meer dan alleen maar even je hoofd leegmaken.

Vakantie maakt je gelukkiger โ€“ en dat blijft even hangen

De onderzoekers bekeken hoe mensen zich voelden vรณรณr, tijdens en na een vakantie. En wat bleek?

  • Tijdens de vakantie stijgt het welzijn flink: mensen voelen zich energieker, positiever en minder gestrest.
  • Eenmaal terug op werk zakt dat effect wel weer wat, maar: zelfs weken na je vakantie voel je je vaak nog steeds beter dan ervoor.

Gemiddeld blijven die voordelen zoโ€™n drie weken hangen. Dat is langer dan eerdere onderzoeken dachten.

Hoe je vakantie eruitziet, maakt uit

Niet elke vakantie is even effectief. Dit werkt het best:

  • Fysiek actief zijn (wandelen, fietsen, sporten) is beter dan alleen maar relaxen op het strand.
  • Psychologisch loskomen van je werk โ€“ dus niet mailen of piekeren over je to-dolijst โ€“ helpt enorm.
  • Zelf kunnen kiezen wat je doet (controle) en iets nieuws leren (mastery) dragen bij aan herstel.

Lang weg? Ja, maar niet zonder risico

Langer vakantie nemen geeft mรฉรฉr effect โ€“ je hebt immers meer tijd om echt los te komen. Maar let op: de voordelen verdwijnen ook weer sneller zodra je terug bent. Dat kan komen doordat werk zich opstapelt tijdens je afwezigheid. Na een lange vakantie kom je dan juist harder terug in de stress.

Cultuur en schaarste spelen ook een rol

In landen waar vakantie zeldzamer is (zoals de VS), zijn de effecten van vakantie soms juist sterker. Mensen waarderen die vrije tijd meer en maken er dus ook meer van. Maar ze vallen ook sneller terug als ze weer aan het werk moeten.

In landen waar prestaties centraal staan, zoals Japan of Duitsland, lijkt vakantie extra nodig om op te laden. Maar het kan ook moeilijker zijn om daarna weer terug in de flow te komen.

Hoe je vakantie optimaal werkt

โœ” Plan vooraf hoe je wilt ontspannen: sport, natuur, cultuur of gewoon lekker niksen โ€“ als je maar bewust kiest.
โœ” Laat werk รฉcht los. Zet notificaties uit. Laat je laptop thuis. En check je mail niet โ€œvoor de zekerheidโ€.
โœ” Verdeel je vrije dagen slim: liever wat vaker kort weg dan รฉรฉn keer heel lang als je snel weer terugvalt.
โœ” Schaam je niet om vakantie op te nemen. Het is geen luxe. Het is goed voor je gezondheid โ€“ en je werk.

Tot slot

Vakantie is geen wondermiddel. Maar als je het goed aanpakt, werkt het wel degelijk. Het is een van de krachtigste manieren om bij te tanken en jezelf weer in balans te brengen. Niet alleen voor je mentale welzijn, maar ook fysiek. En dat effect is sterker โ€“ en langer โ€“ dan we tot nu toe dachten.

Waarom vakantie รฉcht helpt

Wat maakt een leven echt goed? Is het genoeg om gelukkig te zijn, of is er meer nodig om te spreken van een "geslaagd leven"? Die vraag staat centraal in de grootste welzijnsstudie ooit: de Global Flourishing Study. Meer dan 200.000 mensen uit 22 landen doen vijf jaar lang mee aan deze grootschalige meting van wat het betekent om te floreren โ€“ een term die verder gaat dan geluk alleen.

๐Ÿ“ Wat is floreren eigenlijk?

Floreren betekent mรฉรฉr dan je goed voelen. Het gaat over een leven waarin alle belangrijke levensgebieden op orde zijn en de onderzoekers definieren deze als:

  • Je bent gezond,
  • Je ervaart betekenis en richting,
  • Je hebt goede relaties,
  • Je doet wat juist is,
  • En je hebt voldoende financiรซle stabiliteit om je geen zorgen te maken over basisbehoeften.

De onderzoekers vroegen deelnemers naar twaalf aspecten van hun leven, van mentale en fysieke gezondheid tot vriendschappen, zingeving en geldzorgen. Zo ontstond een rijker en realistischer beeld dan bij eerdere studies die zich vooral op geluk of tevredenheid richtten.

๐Ÿ“‰ Jongeren floreren opvallend minder

Eรฉn van de meest opvallende uitkomsten: jongeren wereldwijd scoren lager op floreren dan oudere generaties. Tot je vijftigste blijft floreren vrij vlak, daarna neemt het langzaam toe. Die trend wijkt af van het klassieke idee dat geluk een U-vormige curve volgt, met een dieptepunt in de middelbare leeftijd. Jongeren van nu rapporteren minder balans, minder optimisme, minder verbondenheid.

Waarom? De studie biedt geen oorzakelijke verklaring, maar noemt mogelijke factoren als economische onzekerheid, sociale druk, en toenemende mentale gezondheidsproblemen. De onderzoekers waarschuwen dat dit geen vanzelfsprekend leeftijdseffect hoeft te zijn, maar ook een cohorteffect kan zijn: het kan zijn dat deze generatie blijvend lager blijft scoren, tenzij er gericht beleid komt.

๐Ÿ‘ถ Het belang van een goede jeugd

Wat je meemaakt in je jeugd blijkt diep door te werken in hoe je als volwassene floreert.

  • Mensen die zich geliefd voelden door hun ouders floreren meer.
  • Wie misbruik of buitensluiting meemaakte, scoort structureel lager.
  • Ook financiรซle zorgen in de jeugd laten sporen na.
  • Zelfs religieuze betrokkenheid op jonge leeftijd hangt samen met later floreren.

Toch zijn deze patronen niet in elk land hetzelfde. In sommige landen floreren mensen met een moeilijke jeugd relatief goed, in andere landen zie je een duidelijk negatieve invloed. De cultuur speelt dus ook een rol.

๐ŸŒ Wereldwijd: overeenkomsten รฉn verschillen

Het goede nieuws: sommige dingen lijken universeel. In vrijwel alle landen floreren mensen meer als ze:
โœ” Een baan hebben
โœ” In een stabiele relatie zitten
โœ” Zich betrokken voelen bij een gemeenschap of religie

Maar er zijn ook culturele verschillen. Zo floreren mensen in Indonesiรซ en de Filipijnen opvallend meer dan in bijvoorbeeld Japan of het Verenigd Koninkrijk. In sommige landen floreren mensen zelfs mรฉรฉr als ze alleenstaand zijn, of als ze weinig opleiding hebben. Eรฉn maat voor welzijn werkt dus niet overal hetzelfde.

๐Ÿงญ Waarom deze studie belangrijk is

De Global Flourishing Study laat zien dat welzijn breed รฉn contextueel is. Het biedt handvatten voor beleidsmakers, hulpverleners en burgers die niet alleen geluk willen nastreven, maar een samenleving willen bouwen waarin mensen in de volle breedte tot bloei komen.

Floreren vraagt meer dan positieve gevoelens. Het vraagt om relaties, richting, karakter en veiligheid.

Voor jongeren betekent dat misschien: minder druk om alles snel voor elkaar te krijgen. En voor beleidsmakers: een stevige oproep om generaties niet te laten afhaken.

Mondiaal floreren is zoveel meer dan geluk!

Er is een mogelijkheid vrijgekomen om examen te doen op zaterdag 5 juli 2025.

Wil je hier gebruik van maken?
Inschrijven kan via:
https://chivo.nl/examen

Het is overduidelijk dat het lastig is om burn-out goed te definiรซren, maar wat vooral storend is, is dat men burn-out presenteert als een beroepsziekte en depressie kennelijk als niet-werkgerelateerd, zoalsย hierย door hoogleraar Wilmar Schauffeli.

Dit is daarom fijn dat depressie als beroepsziekte wordt onderbouwd vanuit de literatuur in dit achtergronddocument, dat je kuntย downloadenย en (lezen).

๐—จ๐—ถ๐˜๐—ธ๐—ผ๐—บ๐˜€๐˜๐—ฒ๐—ป ๐—ฒ๐—ป ๐—ฒ๐—ณ๐—ณ๐—ฒ๐—ฐ๐˜๐—ด๐—ฟ๐—ผ๐—ผ๐˜๐˜๐—ฒ๐˜€

Sterkste associaties:

โžก๏ธ Pesten: OR 2,82 (95% BI: 2,21โ€“3,59) โ€“ goed bewijs
โžก๏ธ Hoge werkdruk met weinig controle: OR 1,74โ€“1,77 โ€“ voldoende tot goed bewijs
โžก๏ธ Disbalans tussen inspanning en beloning: OR 1,49โ€“1,53 โ€“ voldoende bewijs
โžก๏ธ Hoge taakautonomie: OR 0,73 (beschermend) โ€“ voldoende bewijs
โžก๏ธ Steun van collegae of leidinggevende: RR 1,33 - laag tot voldoende bewijs

Zwakke of afwezige associaties:

โžก๏ธ Ploegendienst: OR 1,10 (95% BI: 0,98โ€“1,23) โ€“ laag bewijs
โžก๏ธ Lange werktijden: OR 1,07โ€“1,14 โ€“ laag tot voldoende bewijs
โžก๏ธ Overwerk: RR 1,08 โ€“ voldoende bewijs, maar geen duidelijke relatie

Hoewel depressie multicausaal is, toont dit document aan dat werkfactoren substantieel kunnen bijdragen aan het ontstaan of verergeren van depressieve klachten. Niet alle werkgerelateerde factoren zijn even sterk geassocieerd met depressie. Factoren die te maken hebben met sociale rechtvaardigheid, autonomie en erkenning blijken vaker problematisch. Interventies gericht op het vergroten van autonomie, beloning (erkenning), sociale steun en het tegengaan van pesten zijn daarom te overwegen.

๐—ข๐˜ƒ๐—ฒ๐—ฟ๐˜„๐—ฒ๐—ด๐—ถ๐—ป๐—ด๐—ฒ๐—ป

Uiteraard zijn dit observaties, en je kunt op basis hiervan geen causale uitspraken doen. Je kunt niet experimenteel iemand proberen depressief te maken, maar er zijn zowel cross-sectionele als longitudinale studies opgenomen in dit achtergronddocument, veelal in de vorm van meta-analyses.

Daarnaast wordt de samenhang met gefrustreerde basisbehoeften consistent gevonden. Bovendien blijkt dat therapie samenhangt met een toename van psychologische behoeftenbevrediging. Ze spelen een rol. Daarnaast moeten we af van het idee dat depressie niets met werk te maken zou hebben. Organisaties kunnen actief aan de slag met een behoeftensteunende omgeving.

๐— ๐—ฒ๐—ฒ๐—ฟ...

Meer lezen over dit soort onderwerpen kan via de nieuwsbrief VisieVitaal over motivatiewetenschap. Je kunt je hier inschrijven:

chivo.nl/nieuwsbrief

Meer leren kan tijdens het Evidence based HR seminar op 13 nov. Meer info:

evidencebasedhr.nl

Depressie is een beroepsziekte

Een interessante geluid van Joris Luyendijk, die geรฏnterviewd werd door Marnix Kluiters in de Ecosofie Podcast, over de grote zorgen die er nu zijn en de lage handelingsbereidheid.

Chi L .Chiu zit ook aan tafel om wat onderliggende mechanismen te duiden en mee te werken aan een basis voor verbetering. Er worden heel veel onderwerpen in korte tijd behandeld, die vaak een eigen podcast of serie verdienen, maar meesterlijk vervlochten werden door Marnix.

Voor een vitaliteitskundige is wat gemakkelijker, omdat men vanuit een heel beperkte scope insteek: namelijk mens en motivatie. Dat is heel belangrijk perspectief, want er is heel duidelijk iets veranderd โ€” en het zijn niet de regels, maar de motivatie (richting en intensiteit) van mensen.

Waarom worden we gedreven tot het steunen van niet-democratische leiders? Waarom heeft 66 procent van de Nederlanders progressieve en sociale waarden, maar voeren we een neoliberaal beleid? Waarom morele verontwaardiging niet meer werkt. Waarom deugen de meeste mensen, en hebben we toch vaak een onmenselijk beleid? Heel mooi van Joris is de duiding van wat we wel al hebben bereikt. Kunnen we dat niet vieren als overwinning?

Een podcast over maatschappelijke ontwikkelingen, de democratie, de dreiging en het hart van beschaving: namelijk gelijkwaardigheid.

๐ŸŽง Luister nu: https://ecosofie.net/152-oorlogstijd-ongelijkheid-en-leiders-die-liegen-met-joris-luyendijk-en-chi-lueng-chiu/

Met dank aan Triodos Bank voor de gastvrijheid!

Oorlogstijd, ongelijkheid en leiders die liegen in de Ecosofie podcast