Waardigheid op recept
In dit artikel van Lynn Berger pleit ze in De Correspondent voor sociale gezondheid. Goed zorgen voor relaties maakt je langer gelukkig en gezond. Het hebben van relaties is een psychologische basisbehoefte, zo betoogden Roy Baumeister en Mark Leary al in hun klassieke werk "The Need to Belong" uit 1995.
Berger bespreekt het boek van de Canadese onderzoeker Kasley Killam, getiteld The Art and Science of Connection. Mensen met een sterk gevoel van verbondenheid rapporteren 2,6 keer vaker een uitstekende gezondheid. Het boek bevat technieken om relaties in kaart te brengen, relaties te versterken en toxische relaties te beëindigen. Ook bevat het uitleg over hoe ‘prosociaal gedrag’, zoals dankbaarheid, vriendelijkheid en empathie, een positieve invloed heeft op ons brein en lichaam.
Daarnaast schrijft Berger over het boek The Connection Cure van journalist Julia Hotz, die pleit voor social prescribing – in Nederland bekend als "Welzijn op recept". Dit is echter niet opgenomen in het basispakket van de zorgverzekering. Hotz benadert verbinding vanuit een breder perspectief en brengt dit onder in vijf categorieën: bewegen, natuur, kunst, dienstbaarheid en verbondenheid. Ze stelt dat de huidige maatschappij ons juist verder van deze elementen afbrengt en daarmee bijdraagt aan psychische problemen.
Dat sociale relaties belangrijk zijn, weten we – anders zouden we het geen basisbehoefte noemen. Het is echter niet de enige psychologische basisbehoefte. Autonomie is dat eveneens. Dit is crosscultureel vastgesteld. Zo blijkt bijvoorbeeld dat nonnen die bij hun intrede een reflectieverslag schrijven waarin autonomie, vrijwillige en authentieke motivatie naar voren komen, langer leven (Weinstein N, 2019).
Wij zijn voorstander van social prescribing, maar vanuit een behoeftensteunend perspectief: hoe kan de omgeving (formeel of informeel) het bevredigen van psychologische basisbehoeften ondersteunen of faciliteren? Dit is waar verzekeraars zich op zouden moeten richten. De focus op sociale relaties alleen is te beperkt. In collectivistische culturen, waar verbondenheid groot is, zien we bijvoorbeeld een kortere levensverwachting en, interessant genoeg, minder altruïsme.
Er is veel kennis over wat mensen gelukkig maakt, en opvallend genoeg komt die kennis vaak niet van prestigieuze instituten zoals Harvard. De nadruk op relaties brengt ook risico's met zich mee. Zo benadrukt Killam dat prosociaal gedrag goed is voor welzijn, maar dat is een simplificatie. Interessant genoeg komt altruïsme juist vaker voor in landen met een hoge mate van individualisme (Rhoades SA, 2021). Als je kijkt naar de World Happiness Index, zie je dat de top 10 vooral bestaat uit individualistische landen. We weten ook dat conservatieve ideologie vaak gepaard gaat met minder altruïsme. Wat beide observaties delen, is de aanwezigheid, of juist de afwezigheid, van autonomie.
Het helpen bevredigen van de psychologische basisbehoeften draagt bij aan een fundamenteel recht, namelijk de ervaring van menselijke waardigheid. Het betekent dat je mensen helpt met het ontplooien van activiteiten die ze waardevol vinden voor zichzelf en de ervaring geeft van waarde zijn voor anderen, zoals we besproken hebben in onze whitepaper. Het draait dus niet uitsluitend om relaties, maar om waardigheid.
Social prescribing is een prima idee, maar het moet gericht zijn op het ondersteunen van alle psychologische basisbehoeften, niet uitsluitend op relaties. Anders loop je het risico dat je iemands autonomie ondermijnt, wat afbreuk doet aan waardigheid. Ga daarom voor Waardigheid op recept.
Dit is een onderwerp in onze opleiding vitaliteitskundige, waar we je een specialist maken in toegepaste motivatiewetenschap.
