Skip to main content

Zijn sterke relaties (communion) of ervaren controle en effectiviteit (agency) de sterkste voorspellers van welbevinden? Volgens de beroemde Harvard Study of Adult Development draait het om de eerste, maar zij hebben agency nooit gemeten.

De Big Two

Agency en communion worden beschouwd als twee fundamentele psychologische dimensies. Er zijn verschillende definities, maar wij hanteren de crossculturele variant waarin agency wordt gedefinieerd als competent en energiek, en communion als warmte en moraliteit.

Het is opvallend hoe goed verschillende constructen – zoals persoonlijkheid, behoeften en waarden – langs deze twee lijnen te organiseren zijn. Niet alleen conceptueel, maar ook statistisch. Wij beschouwen het als een overkoepelend raamwerk.

Belang van agency

Op basis van een 13 jaar durend longitudinaal onderzoek met 22.980 volwassenen (Vella Brodek, et al 2022) werd met vier metingen vastgesteld dat binnen de persoon emotioneel welbevinden en agency (het gevoel van regie over het eigen leven) elkaar wederzijds voorspellen en dat beide constructen toekomstige sociale verbondenheid significant voorspellen.

Communion

Sociale verbondenheid is daarentegen, wanneer gecontroleerd wordt voor welbevinden en agency, geen significante voorspeller van toekomstig emotioneel welbevinden of agency.

Het zelfdeterminatieperspectief

Dit betekent niet dat communion onbelangrijk is. Sociale verbondenheid is immers een psychologische basisbehoefte. Ryan en Deci benadrukken dat de bevrediging van autonomie en competentie het meest direct appelleren aan intrinsieke motivatie (proximaal), terwijl sociale verbondenheid distaal is.

Op het niveau van stabiele persoonsverschillen zijn alle drie de factoren sterk en positief met elkaar verbonden. De resultaten suggereren dat het cultiveren van welbevinden en agency de meest effectieve voorwaarde is voor duurzame sociale verbondenheid, waarbij agency een sterkere voorspeller is dan sociale verbondenheid.

Autonome regulatie

Binnen de ZDT stelt men dat we regelmatig succeservaringen moeten hebben uit stimulerende activiteiten. Wat we stimulerend en succesvol vinden, is individueel bepaald. Dat leidt tot autonome regulatie en hangt consistent samen met welbevinden en (werk)prestaties.

De agency-paradox

In een wereld met ongekende mogelijkheden zien we in de praktijk vooral verlies van autonomie. Vrijwilligheid vereist vrijheid (en dus controle en sturing) en het begrip van wat men echt wil. Waar leer je wat je echt wilt? Dat is noodzakelijk voor autonome regulatie. Meer mogelijkheden maken dit moeilijker. Gaat het minder goed? Dan is de vraag: gebrek aan communion of verlies van agency?

Meer leren? Module Identiteitsontwikkeling: chivo.nl/mio (onderdeel opleiding Vitaliteitskundige: chivo.nl/ovk).