Skip to main content

Socioanalytisch leiderschapscircumplex heeft het waarde?

Er is een nieuw leiderschapscircumplex (Van Lill 2026) dat doet waar wij al jaren voor pleiten: Persoonlijkheidstrekken blenden in plaats van reduceren tot twee, zoals het Leadership Circumplex (LSC) van Redeker (2014) impliciet doet. Het heet het Socioanalytic Leadership Circumplex (SLC) en gebruikt de assen agency en communion.

De belangrijkste toevoegingen zijn de ‘dark side’ en het blenden van trekken. Leiderschapsgedrag is namelijk niet goed in uitsluitend extraversie en aangenaamheid te vangen. Bij LSC begon men met 13 factoren en schrapte veel items om tot twee dimensies te komen. Daardoor verdween de extra verklarende waarde. De SLC probeert dit op te lossen, maar is gebaseerd op de Hogan-meetinstrumenten: een solide, evolutionair ingericht persoonlijkheidsinstrument, maar minder gangbaar.

💡 Geen bewijs voor effectiviteit

Deze interpersoonlijke circumplexen (IPC’s) worden gebruikt bij leiderschapstrainingen en hebben een solide persoonlijkheidsonderbouwing. Het model is statistisch robuust, maar bewijs voor de effectiviteit van IPC-gebaseerde leiderschapstraining ontbreekt volledig. Leiderschapstraining is over het algemeen slecht onderbouwd.

💡 Wat wel werkt

Daarom is het interessant om eens te kijken buiten het veld van organisatiepsychologie en dan naar autonomieondersteuning, of breder: behoefteondersteuning voor leidinggevenden. Ook daar kan de onderbouwing beter, maar er is aanzienlijk meer experimenteel bewijs voor effectiviteit dan voor IPC-leiderschapstraining, zoals deze review uit Slemp, et al. 2021 laat zien.

Belangrijker is de robuuste theoretische basis, met scherp gedefinieerde mechanismen, consistente observaties en experimenten. Niets daarvan is terug te vinden bij IPC-leiderschap, maar wel bij autonomieondersteunende training, zoals dit voorbeeld van een quasi-experiment waarover je kunt lezen in deze nieuwere open toegankelijke publicatie (Jungert, 2022).

Vergeleken met de controlegroep scoorden getrainde werknemers significant hoger op behoeftebevrediging (η2=0.15), autonomieondersteuning door de manager (η2=0.14), werkbetrokkenheid (η2=0.12) en minder burn-out (η2=0.12). Ook rapporteerden zij minder behoeftefrustratie (η2=0.08) en meer autonome motivatie (η2=0.06). Verklarend: vanaf η2 0.06 is matig en η2 0.14 is groot effect.

💡 Best-evidence

Dit betekent niet dat IPC’s geen waarde hebben, maar verwar evidence-based niet met best-evidence en een analytisch instrument niet met een interventiemiddel. Wij gebruiken bestaande robuuste taxonomie van leiderschapsgedragingen die we vertalen naar behoefteondersteuning georganiseerd in een echt circumplex met een 'dark side'. Dat ligt het dichtst bij best-evidence.

🔎 Meer info:

Wil je het zelf leren, dan kun je de Chivo opleiding tot (organisatie)vitaliteitskundige (chivo.nl/ovk) volgen.

Socioanalytisch leiderschapscircumplex heeft het waarde?