Psychologische gezondheidsklachten jongeren - Omgekeerde causaliteit?
Jongeren worden geregeld weggezet als ‘sneeuwvlokjes’: ze zouden te weinig echt contact maken en ‘curlingouders’ zouden elk obstakel wegnemen. Maar of dat beeld klopt, valt nog te bezien, zo blijkt uit recent onderzoek (Chen, et al 2026).
💡 Opzet
Onderzoekers volgden 40 jongeren van 15 tot 20 jaar maximaal 90 dagen. Iedere ochtend vulden zij via hun telefoon een korte vragenlijst in over positieve en negatieve gevoelens en slaapkwaliteit. Een onderzoeksapp registreerde automatisch hun telefoongebruik, fysieke activiteit en slaapduur. Daarbij werd onderscheid gemaakt tussen actief gebruik, zoals typen, en passief gebruik, zoals scrollen of kijken zonder te typen. Centraal stond de vraag: beïnvloedt telefoongebruik hoe jongeren zich voelen en slapen, of beïnvloedt hun stemming juist hun telefoongebruik?
💡 Resultaten
Chen et al. vonden dat jongeren op dagen waarop zij zich ’s ochtends negatiever voelden dan gebruikelijk, later die dag iets meer passief hun telefoon gebruikten. Elk punt hogere negatieve stemming hing samen met gemiddeld 7,6 minuten extra passief telefoongebruik.
Positieve stemming voorspelde passief gebruik niet (b = 1,15; p = .656), en negatieve stemming evenmin actief gebruik (b = 0,23; p = .464). Ook omgekeerd waren de effecten vrijwel nul: actief en passief gebruik voorspelden noch positieve stemming de volgende ochtend (β = −.004 en −.024), noch negatieve stemming (β = −.005 en .014).
Ook voor slaap waren de verbanden klein en niet statistisch significant: voor slaapkwaliteit varieerden de effecten van β = .007 tot .020 en voor slaapduur van β = −.033 tot −.035. Negatieve stemming lijkt dus eerder vooraf te gaan aan iets meer passief gebruik, terwijl er weinig aanwijzingen zijn dat dagelijks telefoongebruik op korte termijn stemming of slaap verslechtert.
💡 Curlingouders
Dit sluit aan bij een ander mogelijk misverstand: dat overbezorgde ouders obstakels voor hun kinderen wegpoetsen. Uit dagboekonderzoek blijkt dat adolescenten juist meer overbescherming rapporteren wanneer zij aangeven het moeilijk te hebben (Boele 2026). Ook hier kan de richting omgekeerd zijn: problemen kunnen meer ouderlijke bescherming oproepen.
💡 Overwegingen
De resultaten sluiten aan bij het Nederlandse AWeSome-project, waarin jongeren gedetailleerde dagboeken bijhouden. Negatieve gevoelens lijken eerder vooraf te gaan aan problematisch socialemediagebruik dan andersom. Een vergelijkbare nuance geldt voor curlingouders.
Als psychische klachten onder jongeren toenemen, moeten we voorbij oppervlakkige clichéanalyses. Een deel kan samenhangen met betere bespreekbaarheid, een ander deel met prestatiedruk en onzekerheid. Ouders, leerkrachten en beleidsmakers zijn niet altijd toegerust om jongeren op deze veranderende wereld voor te bereiden.
🔍 Meer leren
Hoe gezonde ontwikkeling werkt in deze nieuwe wereld, is een onderwerp in de module Identiteitsontwikkeling (chivo.nl/mio).
