Prosocialiteit in 121 landen
Hebben mensen een voorkeur voor de eigen groep en een hekel aan de andere groep? Een nieuwe analyse van Otten (2026) zet dat idee onder druk: mensen blijken prosociaal tegenover zowel de binnen- als de buitengroep.
💡 De opzet
Otten (2026) combineerde zes grote internationale datasets met gegevens van ruim 743.000 mensen uit 121 samenlevingen. In alle datasets werd afzonderlijk gemeten hoe prosociaal mensen waren tegenover hun binnengroep en buitengroep, bijvoorbeeld via vertrouwen, samenwerking, tolerantie of het verdelen van geld. Zo kon worden onderzocht of mensen die behulpzaam zijn tegenover hun eigen groep dat ook zijn tegenover buitenstaanders.
Daarnaast onderzocht Otten of binnen- en buitengroepprosocialiteit samen één algemene prosociale houding vormen en onderscheidde hij typen deelnemers, zoals universeel prosociale, parochiaal prosociale en zelfgerichte mensen.
💡 De bevindingen
Het belangrijkste resultaat is dat prosocialiteit tegenover de binnengroep en buitengroep positief samenhangt: wie prosocialer is tegenover de binnengroep, is meestal ook prosocialer tegenover de buitengroep. De afbeelding laat dit zien: de trendlijn loopt van linksonder naar rechtsboven.
Die samenhang was in alle zes datasets positief en vrij sterk, met correlaties van r = .40, .69, .83, .59, .56 en .65. Tegelijk waren mensen gemiddeld iets prosocialer tegenover hun binnengroep dan tegenover de buitengroep. Dat verschil varieerde sterk: van Cohen’s d = .06 en .14 (zeer klein) tot d = .47, .55 en .70 (klein tot middelgroot) en d = 1.50 (zeer groot). Kortom: er is binnengroepvoorkeur, maar die gaat doorgaans samen met prosociaal gedrag richting de buitengroep.
💡 Overwegingen
Sommige onderzoekers, zoals Choi & Bowles (2007), hanteren een nauwe interpretatie van parochiaal altruïsme, waarin binnengroepliefde samengaat met vijandigheid tegenover de buitengroep. Brewer (1999) stelde echter al dat binnengroepvoorkeur en buitengroephaat geen spiegelbeeld zijn. Halevy et al. (2008) lieten dit experimenteel zien. Otten bevestigt dit patroon nu in een grootschalige landenvergelijking.
Prosocialiteit is ook relevant voor rechtvaardigheid. Je kunt rechtvaardigheid zien als een verdelingsnorm en als een manier om samenwerkingsproblemen op te lossen. Mensen werken samen met mensen die ze niet kennen en soms nooit zullen ontmoeten. Wie doneert om nood te verlichten in getroffen gebieden, deelt een deel van zijn middelen met onbekenden.
Individuele verschillen worden daarmee niet ontkend. Wel blijkt keer op keer dat samenwerking en prosocialiteit breed menselijke eigenschappen zijn. Samenwerking is immers essentieel voor ontwikkeling.
Dat vormt ook de basis voor onze definitie van vitaliteit: de energie om te ontwikkelen. Wij passen dit begrip toe op individuen, groepen, teams, organisaties en de samenleving. Meer info:
