Emotie en niet attitude voorspelt racisme
De claim dat Nederlanders racistischer zijn geworden, blijkt uit geen enkel onderzoek. Toch is er veel ophef over migratie. Als je kijkt naar antwoorden uit onderzoek met het LISS-panel, dan is de attitude ten opzichte van migranten, integratie en asielzoekers nauwelijks veranderd. Anders gesteld: de polarisatie is niet toegenomen, en toch is er iets veranderd.
💡 Het ABC van psychologie
Wat we nu meemaken, heet tegenwoordig affectieve polarisatie. De onderliggende psychologische mechanismen zijn al vaak onderzocht. In 2008 verscheen een meta-analyse over racisme van Talaska, Fiske en Chaiken (2008). Daaruit blijkt namelijk dat affect (gevoel), behavior (gedrag) en cognitie (gedachten) minder sterk samenhangen dan vaak wordt verondersteld.
💡 Enquêtes vangen dit onvolledig
Cognitieve overtuigingen, zoals stereotypen of beleidsmatige meningen, blijken in de praktijk slechte voorspellers van echt gedrag. Ze voorspellen wel heel sterk wat mensen invullen op vragenlijsten of wat ze in een gesprek beweren dat ze zouden doen.
💡 Post-hocrationalisatie
De belangrijkste conclusie uit de meta-analyse is dat emoties (voelen) de sterkste voorspeller zijn van daadwerkelijk geobserveerd gedrag. Daarom is het een hachelijke zaak om zonder kennis van deze materie antwoorden uit enquêtes te interpreteren.
De attitudes zijn niet veranderd, maar de gevoelens wel. Nog interessanter is dat de meta-analyse laat zien dat de gevoelens er eerst zijn en vervolgens worden ingezet als post-hocrationalisatie. Migranten en asielzoekers zijn dan de achterafverklaring voor het gevoel.
💡 Diepere oorzaken
De vraag is natuurlijk wat de verandering in deze gevoelens veroorzaakt. Ook daar zijn veel data over, en die wijzen allemaal in dezelfde richting: een toename van ongelijkheid op verschillende terreinen, waaronder inkomen, vermogen en educatie, maar ook een algemeen gevoel van onzekerheid. Alle problemen die we nu zien, zoals psychische gezondheidsklachten, maar ook antidemocratisch sentiment, zitten al decennia in een opwaartse trend. Ze hangen heel duidelijk samen met de Gini-coëfficiënt (een maat voor ongelijkheid) en hebben te maken met statusangst. Het verklaart niet alles, maar de samenhang is crosscultureel consistent over een periode van dertig jaar.
Met de huidige kennis die er is binnen motivatiewetenschap kan men veel preciezer het probleem duiden en ook betere oplossingen ontwerpen.
Meer leren
Dit is een onderwerp in onze module Toegepaste Ethiek (chivo.nl/mte), onderdeel van de opleiding Vitaliteitskundige (chivo.nl/ovk). De module is ook te volgen tijdens de zomer (chivo.nl/summerschool).
