Skip to main content

Deze umbrella-review (Maloney 2026) over floreren vertelt je hoe problematisch dit onderzoekgebied is. De auteurs definiëren floreren als "het hebben, zijn en doen van wat een goed geleefd leven vormt".

Floreren wordt geoperationaliseerd via vijf domeinen:

  1. Psychologisch: mentale gezondheid en positief affect.
  2. Sociaal: hechte relaties en verbondenheid.
  3. Fysiek: energie en vitaliteit.
  4. Waardengerelateerd: betekenis, doel, deugd en kennis (zingeving/eudaimonie).
  5. Omgevingsgebonden: veiligheid, financiële zekerheid en toegang tot zorg en onderwijs.

De titel suggereert dat uit negen reviews mechanismen worden afgeleid, maar dat is verre van het geval. De auteurs stellen in de discussie vast dat het gaat om:

👉 Associaties in plaats van oorzaken.
👉 Blootstellingen, gedragingen en uitkomsten en niet mechanismen.

De auteurs plaatsen dit binnen drie theorieën:

  1. Aristoteles en eudaimonia: goed leven door een leven lang goed te handelen.
  2. De capabilities approach: reële vrijheden en mogelijkheden.
  3. Postgroeiperspectief: floreren vereist geen economische groei.

Die laatste noemen ze omdat ecologisch floreren en ongebreidelde groei op gespannen voet staan.

💡 Onsamenhangend

De vijf domeinen en de drie theorieën lijken kaders te geven, maar zijn feitelijk onsamenhangend. Dat komt deels door onderliggende onderzoeken die blootstellingen, gedragingen en uitkomsten op een hoop gooien. Maar ook de drie theorieën beschrijven geen concrete mechanismen. Je kunt stellen dat dit de huidige stand van het onderzoek is, maar dat is onjuist.

💡 Fundamentele theorie

Er is voldoende evidentie voor een samenhangende theorie, zoals besproken in onze coöperatiemotivatietheorie. Die heeft een eenvoudig uitgangspunt: elk mens moet levenslang samenwerken om in de eigen basisbehoeften te voorzien. Dat is zowel normatief als descriptief. Er zijn biologische basisbehoeften, psychologische basisbehoeften volgens de zelfdeterminatietheorie en, in ons model, ecologische basisbehoeften zoals biodiversiteit. Dat beschrijven we in onze whitepaper 'Homo collaboratus', die je hier kunt downloaden:

chivo.nl/vitaliteit

Daarmee heb je mechanismen die leiden tot floreren: het bevredigen van basisbehoeften. En mechanismen die bijdragen aan degenereren: het vergiftigen ervan. Praktisch omzeilt dit ook het is-ought-probleem, omdat samenwerken eveneens een feit is, net als ons streven om te overleven en te floreren. Daarnaast werken we ook samen met niet-mensen.

Omdat samenwerken coördinatie en dus regels vereist, vallen concepten als moraliteit en rechtvaardigheid op hun plaats. Wanneer mensen hun basisbehoeften bevredigen, neemt ook de neiging tot economische groei af. Zo dragen deze mechanismen bij aan eudaimonia, de capabilities approach en het postgroeiperspectief.

💡 Conclusie

De auteurs pleiten voor beter onderzoek, maar dat begint met betere kaders door mechanismen te scheiden van gedrag en uitkomsten. Begin daarom met fundamentele theorievorming.