Skip to main content

De historie, heden en toekomst van leiderschapsonderzoek

Dit reviewartikel (Liden, et al 2025) concludeert dat leiderschapsonderzoek de afgelopen eeuw aanzienlijk is geëvolueerd: van trait- en gedragsmatige benaderingen naar relationele en stijlgebaseerde perspectieven, met recent een verschuiving naar morele leiderschapsbenaderingen en destructief leiderschap.

De onderzoekers beschrijven dat persoonlijkheidstrekken (traits) leiderschap slechts in beperkte mate voorspellen, evenals de grote-mantheorie. Vervolgens introduceren de auteurs het werk van Fleishman en Yukl, die leiderschapsgedrag beschrijven aan de hand van componenten zoals taak-, relatie- en veranderingsgerichtheid. Deze componenten werden echter al snel naar de achtergrond verdrongen door de opkomst van leiderschapsstijlen, relatiekwaliteit en aandacht voor moreel en destructief leiderschap.

Geleidelijk maken de auteurs duidelijk dat het veld sterk gefragmenteerd is en kampt met gebrekkige wetenschappelijke theorievorming. Daarom beschrijven zij zes onderzoeksrichtingen:

  • Macht en gezag (hiërarchie kan ontstaan via dominantie of prestige)
  • Gedragsprofielen (profielen op basis van gedragscomponenten)
  • De rol van de volger (waarom kiest een volger een bepaald type leider en wat is het voordeel?)
  • Leidercentrische impact (wat is het effect op de leider?)
  • Teamdifferentiatie (vereisen verschillende soorten teams ander leiderschap?)
  • Digitaal leiderschap (welk gedrag is effectief in virtuele en hybride teams?)

Het motivatieperspectief

Vanuit de motivatiewetenschap zijn veel van deze vragen al goed te beantwoorden. Het effect van macht en gezag op zowel de leider als de volgers is bekend, omdat het psychologische basisbehoeften bevredigt of frustreert.

Omdat psycholexicaal onderzoek op systematische wijze gedrag, gevoel en gedachten beschrijft, is het mogelijk zowel de persoonlijkheid als de gedragscomponenten van Fleishman en Yukl te beschrijven. Inmiddels begint ook steeds duidelijker te worden wat mensen precies verstaan onder moraliteit en welke factoren een belangrijke rol spelen in de samenwerking en interpersoonlijke verhoudingen.

Omdat de relatie, verbondenheid en context belangrijke onderdelen van motivatie vormen, is het ook duidelijk wat echt contact inhoudt en dat dit ook buiten fysieke nabijheid opgebouwd kan worden, zoals in virtuele teams. Er is dus al veel bekend over deze onderzoeksrichtingen en deze kennis is nu al concreet toepasbaar.

Agency en communion

Belangrijker nog is dat leiderschap heel goed gefundeerd kan worden in wetenschappelijke theorie. De zelfdeterminatietheorie kan goed duiden hoe een leidinggevende met teamleden om moet gaan, maar verklaart niet waarom een leidinggevende noodzakelijk is. De evolutionaire psychologie kan dat echter wel, waardoor beide perspectieven elkaar aanvullen. De review maakt feitelijk een karikatuur van de evolutionaire psychologie door het te verschralen tot de grote mantheorie, maar de onderliggende processen zijn veel subtieler.

Het gaat namelijk om evolutionaire adaptaties die oplossingen bieden voor samenwerkingsproblemen. Deze kunnen ondergebracht worden in een overkoepelend organiserend raamwerk dat draait om de metamotieven agency (getting ahead) en communion (getting along). In dat raamwerk kunnen ook andere psychologische constructen worden ondergebracht, zoals basisbehoeften, waarden en persoonlijkheid, maar ook onpersoonlijke samenwerkingsconstructen via instituten. Die integratie via dit raamwerk is, wat ons betreft, hoe de toekomst van leiderschapsonderzoek er in de toekomst uitziet en de toekomst is nu!

Wil je hulp met advies en implementatie voor leiderschap, dan kun je je laten consulteren door organisatie vitaliteitskundigen. Meer inro.

chivo.nl/oov

De historie, heden en toekomst van leiderschapsonderzoek

Gino Goossens

Meer inro. = Meer info. 💡