Basisinkomen genuanceerd
Terugblikkend op het jaar was een van de belangrijkste bevindingen dat een experiment met het universeel basisinkomen (UBI), waarbij 1.000 gezinnen drie jaar lang onvoorwaardelijk maandelijks een extra 1.000 dollar ontvingen, geen effect had op de psychische en fysieke gezondheid. Hoewel motivatiewetenschap dit voorspelt, leidde het tot teleurgestelde en defensieve tegenargumenten.
https://www.nber.org/papers/w32711
- Niet alle gezinnen waren arm
Dat klopt, maar wat denk je dat universeel betekent? Het tweede punt is echter dat de gezondheidsindicatoren het eerste jaar toenamen, maar na een jaar weer terugvielen naar de baseline, ongeacht het inkomen.
- Het toeslagenstelsel werkt niet
Die indruk krijgen we ook, maar dat is geen UBI.
- Het bevredigt de basisbehoefte autonomie volgens de zelfdeterminatietheorie (ZDT)
Nee, het vergroot de (financiële) veiligheid en is daarmee veel meer gerelateerd aan biologische basisbehoeften (ook belangrijk). Veiligheid is echter geen psychologische basisbehoefte (PBB), maar een frustratiebehoefte. Bij de mensen met de laagste inkomens neemt het welzijn toe. In een ander experiment waar autonome motivatie (ZDT) is gemeten in relatie tot werk, bleek dat het effect van autonome motivatie groter, consistenter en langduriger is dan UBI.
Dat geldt overigens ook voor gezondheidsgedrag, dat veel consistenter is als er sprake is van autonome motivatie.
Hedonistische adaptatie
De bevindingen van het experiment haken aan bij wat bekend staat als hedonistische adaptatie. Je went aan dingen die je een goed of een slecht gevoel geven, waarna het gevoel weer afneemt. Dat kan ook in extreme situaties, zoals het begin van de Russische inval in Oekraïne, waarna het geluk flink afnam, maar na vier weken terugviel naar de baseline. Dit betekent niet dat iedereen herstelt, maar dat is vooral toe te schrijven aan de persoonlijkheid en minder aan de omstandigheden.
Hoofdzaken
Uit het experiment, maar ook uit de teleurgestelde reacties, blijkt dat er begripsverwarring is en dat er te veel focus ligt op randzaken. Men mist de essentie, die motivatiewetenschap blootlegt. Allereerst heeft het concept van UBI slechts ten dele overlap met bestaanszekerheid en is het daarom geen vervanging van het toeslagensysteem. Ten tweede is psychisch welzijn gemeten via de SF-12 en klinische vragenlijsten. Dit gaat feitelijk over hedonistisch welzijn en is daarmee ook onderhevig aan hedonistische adaptatie.
Wij stellen echter dat het draait om waardigheid: het recht (en de mogelijkheden) om waardevolle activiteiten te ontplooien voor jezelf en van waarde te zijn voor anderen. Dat bevredigt de PBB en leidt tot duurzaam welbevinden. Dat kan met en zonder geld. Met geld gaat het gemakkelijker, maar het biedt geen garantie, zoals dit UBI-experiment laat zien. Daarom moeten we randzaken scheiden van hoofdzaken en waardigheid als uitgangspunt nemen in plaats van bestaanszekerheid. Waardig leven, waardig werk en een waardige samenleving.
