Skip to main content

Aardig zijn is slecht voor je carrière?

In grote lijnen kunnen we volgen dat aangename mensen niet altijd op de carrièresnelweg terechtkomen (nice girls/guys finish last), maar de auteur verslikt zich in zijn betoog door moraliteit synoniem te maken met aangenaamheid in combinatie met te veel uitweiding over evolutionaire psychologie. Dat maakt het artikel niet minder lezenswaardig.

De auteur stelt dat opvallen in de menigte een belangrijke factor is om in aanmerking te komen voor een leiderschapspositie, terwijl vriendelijk zijn vaak betekent dat je effectiever bent als leider omdat mensen bereid zijn meer voor je te doen. Opvallen hangt samen met extraversie en vriendelijkheid met aangenaamheid in het Big Five-model.

Je meer profileren (extraversie) zorgt ervoor dat je meer opvalt. Dat is lastig omdat de trek aangenaamheid ook het facet ‘bescheidenheid’ bevat. De auteur concludeert daarom dat je beter niet authentiek kunt zijn als je carrière wilt maken. Daar kun je het mee eens of oneens zijn, maar de logica is herkenbaar.

De auteur had hierop voort kunnen borduren, maar maakt een onnodig lange omweg in de evolutionaire interpretatie van moraliteit, terwijl het betoog voortbouwt op een wankel fundament, wanneer je moraliteit gelijkstelt met aangenaamheid. Daarom zal ik het fundament uitwerken.

Aangenaamheid is een erg dunne versie van moraliteit. Het ligt meer voor de hand om aangenaamheid aan te vullen met consciëntieusheid. Die combinatie verklaart meer van de variantie in effectief leiderschap en samenwerking. Extraversie (en eventueel openheid) zegt vooral iets over de rol die iemand in samenwerking inneemt. Ben je extravert en consciëntieus, dan neem je sneller initiatief en val je op. Ben je introvert en consciëntieus, dan borg je eerder procedures. Niemand hoort iets van je totdat regels worden geschonden.

Functionaliteit ophangen aan één trek (extraversie of aangenaamheid) oversimplificeert wat er werkelijk gebeurt en hoe reputaties ontstaan. Daarom werkt leiderschap beschrijven via het interpersoonlijk circumplex in de praktijk vaak slecht. Mensen kennen leiders eigenschappen toe die niet gemeten worden, maar wel belangrijk zijn.

Daarom blijven pseudowetenschappelijke modellen die vaak trekken combineren populair. Ze missen dimensies, maar vangen vaak precies de aspecten die mensen herkennen. Dat zien we ook in observantenrapportages: openheid en neuroticisme wijken daarin vaker af van zelfrapportages dan andere trekken. Scoor je hoog op neuroticisme maar ook op consciëntieusheid en aangenaamheid, dan merken collega’s weinig van je neuroticisme.

Ben je aangenaam en consciëntieus, dan kun je prima naar een leiderschapspositie toe groeien, mits je claimt waar je recht op hebt op basis van je bijdrage. Dat is moreel en daar hoef je niet extravert voor te zijn, maar wel empathisch assertief.

Meer leren:

Leiderschap is een specialisatie van de opleiding vitaliteitskundige (ovk). Meer info:

chivo.nl/ovk

Aardig zijn is slecht voor je carrière?