U bent hier

Suikervervangers deel 1: Stevia, natuurlijke zoetstof

In strijd tegen calorieën, is de afgelopen decennia veel aandacht besteed aan de ontwikkeling van caloriearme zoetstoffen. Er is geen bewijs, dat natuurlijke zoetstoffen veiliger zijn dan kunstmatige. Toch is er veel vraag naar een natuurlijke variant. Stevia, een natuurlijke zoetstof, is vanaf nu toegelaten op de Europese markt.

 
Dit is deel 1 van een serie over suikersvervangers:
 
 

Stevia, een van oorsprong Zuid-Amerikaanse plant, wordt door de oorspronkelijke inwoners al eeuwenlang gebruikt als een zoetmiddel. De plant werd voor het eerst onderzocht door Petrus Jacobus Stevus, naar wie het ook vernoemd is. De bladeren van de plant hebben 30 tot 40 keer de zoetkracht van gewoon tafelsuiker (EC 1999). Na chemische analyse blijken de aanwezige glycosiden, rebaudioside A en stevioside, verantwoordelijk voor de zoetkracht (Bridel M 1931). Als losse stoffen blijken ze zelfs 300 keer de zoetkracht te hebben van tafelsuiker (Brandle J 2004), maar met een bittere nasmaak. Stevia zoetjes of poeder zijn dan ook het product van een chemisch proces, waarbij de minst bittere rebaudioside A uit de stevia bladeren is onttrokken met behulp van ethanol. Dit maakt de definitie van een natuurlijk product, altijd een beetje lastig.
 
 
Stevia opname
Stevia wordt niet opgenomen door het lichaam (Koyama E 2003) en passeert ongeschonden de maag (Geuns JM 2007). Eenmaal in de darmen wordt het door bacteriën omgezet in steviol, dat voor een deel met de ontlasting meegaat en deels opgenomen wordt in het bloed. Dat laatste deel wordt door de lever omgezet in steviol glucuronide, wat je weer uitplast (Geuns JM 2007). Het levert dus geen calorieën op, maar leidt wel tot een insulineresponse (Anton SD 2010, Gregersen S 2004, Jeppessen PB 2000).
 
 
Stevia veiligheid

Zoals altijd worden nieuwe stoffen getoetst op veiligheid en dat gaat in eerste instantie met dierproeven, die tot de conclusie leiden dat stevia niet giftig is. Vervolgens worden er korte termijn onderzoeken gedaan op mensen (Geuns JM 2007), waarbij duidelijk werd, dat een inname van 250 mg voor drie dagen, drie maal daags niet leidt tot een negatief effect op bloeddruk, bloedwaarden, urine, bloedsuikers of insulinerespons. In Japan wordt stevia al 30 jaar als suikervervanger ingezet en daar lijkt het geen probleem op te leveren.
 
Er waren enige zorgen over het effect van stevia op de reproductiviteitsorganen van proefdieren, maar na een uitgebreide analyse van de Europese voedingswaren autoriteit, is men tot de conclusie gekomen dat daar geen bewijs voor is (EFSA 2010). Ook wordt duidelijk uit een overzichtsartikel (Williams LD 2009) dat er geen reden is om aan te nemen dat stevia invloed heeft op kanker. Slechts enkele onderzoeken zijn uitgevoerd op diabetes patiënten en ook die lijken geen problemen te hebben met stevia (Barriocanal LA 2008, Gregersen S 2004). Eventuele claims ter verbetering van diabetes, lijken vooralsnog voorbarig. Een publicatie met casusverslagen maakt wel duidelijk, dat er wel regelmatig melding wordt gemaakt van stevia allergie (Kimata H 2007), vooral bij kinderen met eczeem en astma. 
 
Stevia is ook gedroogd verkrijgbaar
 
Overwegingen
Stevia is al een tijdje via Frankrijk verkrijgbaar, waar een twee-jarige proef heeft plaatsgevonden, maar is nu ook in Nederland legaal. De vraag is natuurlijk waarom je het zou willen gebruiken als suikervervanger. Is het vanwege de calorieën of omdat het een 'natuurlijk' product is. Het is inmiddels redelijk duidelijk dat caloriearme suikervervangers niet leiden tot een afname van overgewicht en voor de insulinefobe mensen is het ook al geen oplossing. Bovendien is het nog maar de vraag wat er nu precies natuurlijk is aan stevia tabletten en poeders. Hoe komen ze aan die witte kleur? De vraag is of we het moeten hebben over natuurlijke stoffen of over onnatuurlijke hoeveelheden. Dat is nogal relevant, want het is niet mogelijk om dezelfde concentraties stevia in bladvorm tot je te nemen, zoals het mogelijk is in tablet- of poedervorm. Wellicht is het roeren met stevia a la muntthee een optie, die je kunt overwegen. Of je kunt proberen, minder zoet te eten en drinken.
 
Conclusie
Met de toelating van stevia is er weer een nieuwe suikervervanger beschikbaar. Het heeft een natuurlijke oorsprong en daarmee de aura van gezond. Dit geldt wellicht voor de bladeren, maar het is maar de vraag of dit ook geldt voor de chemisch verkregen tabletten en poeders. Stevia is inmiddels redelijk uitgebreid onderzocht en kan zich daarnaast ook nog indekken met 30 jaar epidiomologische data uit Japan. Stevia lijkt voor de meeste mensen, behalve voor kinderen met allergie, veilig te zijn.
 
 
Voetnoten Details
Opmerkingen Herpublicatie uit onze voormalige website
Belangen Geen conflicterende belangen
Copyright Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, worden opgeslagen of openbaar gemaakt in enige vorm of op enige wijze zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.
Bronnen
  • Anton SD (2010), Martin CK, Han H, e.a. Effects of stevia, aspartame, and sucrose on food intake, satiety, and postprandial glucose and insulin levels. Appetite. 2010 Aug;55(1):37-43. Epub 2010 Mar 18.
  • Barriocanal LA (2008), Palacios M, Benitez G, Benitez S, e.a. Apparent lack of pharmacological effect of steviol glycosides used as sweeteners in humans. A pilot study of repeated exposures in some normotensive and hypotensive individuals and in Type 1 and Type 2 diabetics. Regul Toxicol Pharmacol. 2008 Jun;51(1):37-41. Epub 2008 Mar 5.
  • Brandle J. FAQ - Stevia, Nature's Natural Low Calorie Sweetener\". Agriculture and Agri-Food Canada. 19 August 2004
  • Bridel M (1931), Lavielle R. Sur le principe sucre des feuilles de kaa-he-e (stevia rebaundiana B). Academie des Sciences Paris Comptes Rendus (Parts 192): 1123–5.
  • EC (1999) European Commission Scientific Committee on Food (17 June 1999). Opinion on Stevia Rebaudiana plants and leaves. SCF/CS/NF/STEV/3 Final 17/6/1999
  • EFSA (2010) Scientific Opinion on the safety of steviol glycosides for the proposed uses as a food additive. EFSA Journal 2010;8(4):1537
  • Geuns JM (2007), Buyse J, Vankeirsbilck A, Temme EH. Metabolism of stevioside by healthy subjects. Exp Biol Med (Maywood). 2007 Jan;232(1):164-73.
  • Gregersen S (2004), Jeppesen PB, Holst JJ, Hermansen K. Antihyperglycemic effects of stevioside in type 2 diabetic subjects. Metabolism. 2004 Jan;53(1):73-6.
  • Jeppesen PB (2000), Gregersen S, Poulsen CR, Hermansen K. Stevioside acts directly on pancreatic beta cells to secrete insulin: actions independent of cyclic adenosine monophosphate and adenosine triphosphate-sensitive K+-channel activity. Metabolism. 2000 Feb;49(2):208-14.
  • Kimata H (2007) Anaphylaxis by stevioside in infants with atopic eczema. Allergy 2007: 62:565-572
  • Koyama E (2003), Sakai N, Ohori Y, Kitazawa K, Izawa O, Kakegawa K, Fujino A, Ui M. Absorption and metabolism of glycosidic sweeteners of stevia mixture and their aglycone, steviol, in rats and humans. Food Chem Toxicol. 2003 Jun;41(6):875-83.
  • Williams LD (2009), Burdock GA. Genotoxicity studies on a high-purity rebaudioside A preparation. Food Chem Toxicol. 2009 Aug;47(8):1831-6. Epub 2009 May 8.

 

Site categorie: 
glqxz9283 sfy39587p10 mnesdcuix7